Om deze website te kunnen gebruiken dient u Javascript in te schakelen.

Cochleaire implantatie

Wat is een cochleair implantaat?

Een cochleair implantaat is een elektronisch hoorapparaat dat door middel van een ingreep wordt ingebracht in het slakkenhuis. Hierdoor kunnen heel ernstig slechthorende en dove mensen opnieuw klanken, geluiden en spraak waarnemen.

Om te weten hoe een implantaat werkt, leggen we kort uit hoe een normaal werkend oor geluid verwerkt.

Hoe werkt een goedhorend oor?

Om geluiden te kunnen horen moet het oor het geluid overbrengen naar de hersenen. Het oor bestaat uit 3 belangrijke delen: het uitwendige oor, het middenoor en het binnenoor.​

CI
Bron: hoorzaken.nl
  • Het uitwendige oor bestaat uit de oorschelp en de gehoorgang. De oorschelp vangt het geluid op. Daarna gaat het geluid door de gehoorgang naar he trommelvlies. De geluidsgolven brengen het trommelvlies aan het trillen en daarmee ook de gehoorbeentjes in het middenoor.
     
  • Het middenoor heeft drie gehoorbeentjes: hamer, aambeeld en stijgbeugel. Deze gehoorbeentjes versterken het geluid en laten de vloeistof in het binnenoor bewegen.​
  • ​Het binnenoor of slakkenhuis (cochlea) is een opgerolde buis met vloeistof met daarin een groot aantal haarcellen. Door de beweging van de vloeistof buigen de haarcellen af. Dit zorgt ervoor dat de haarcellen een elektrisch signaal afgeven aan de gehoorzenuw. Dit signaal gaat door de gehoorzenuw naar de hersenen waar we het geluid betekenis geven.

Hoe werkt een cochleair implantaat?

Bij het cochleair implantaat wordt de normale weg van het horen via het uitwendige oor en het middenoor overgeslagen: het geluid wordt rechtstreeks in het slakkenhuis aangeboden via een elektrode. Dit is dus anders dan bij een regulier hoortoestel, waar het geluid wél via de gehoorgang en het middenoor naar het slakkenhuis gaat.

Cochleair implantaat
Bron: Copryight Cochlear Limited

Het cochleair implantaat bestaat uit twee delen:

  • Een uitwendig deel
    Het uitwendige deel lijkt op een gewoon hoorapparaat, en wordt processor genoemd. Bijkomend is er een zendspoel die met een magneetje op zijn plaats gehouden wordt.
  • Een inwendig deel
    Het inwendige deel bestaat uit een implantaat dat tijdens een operatie onder de huid wordt ingebracht en uit elektroden die in het slakkenhuis van het oor geschoven worden.

Het uitwendige en het inwendige deel van het cochleair implantaat zijn draadloos met elkaar verbonden.

  • De uitwendige processor vangt het geluid op en vertaalt het naar een elektrisch signaal.
  • De zendspoel stuurt het elektrisch signaal dóór de huid naar het inwendig deel.
  • Daar zorgt het inwendige implantaat  voor de omzetting van het elektrische signaal naar elektrische stroompjes.
  • Via de elektroden in het slakkenhuis worden de elektrische stroompjes doorgegeven aan de gehoorzenuw, en kan iemand weer “horen”.

 

Sluit de enquête