Complicaties
Na het doormaken van een subarachnoïdale bloeding is gespecialiseerde zorg nodig. Dit om complicaties van een subarachnoïdale bloeding vroeg te kunnen herkennen en behandelen.
Recidief bloeding
Zo lang het aneurysma niet behandeld is, bestaat de kans op een nieuwe (recidief) bloeding. Deze kans is het grootst in de eerste uren na de subarachnoïdale bloeding en blijft de eerste weken na de bloeding verhoogd. Een recidief bloeding geeft een acute verslechtering met vaak een bewustzijnsdaling. De prognose na een recidief bloeding is slecht, 70-90% van de patiënten met een recidief bloeding overlijdt.
Waterhoofd (hydrocefalus)
Een waterhoofd is een ophoping van het hersenvocht (liquor) in de hersenkamers. Een waterhoofd ontstaat doordat het hersenvocht (liquor) niet goed afgevoerd kan worden, omdat de bloeding de afvoerkanaaltjes verstopt.
Hiervoor moet het hersenvocht (tijdelijk) langs een andere manier worden afgevoerd. Dat kan op verschillende manieren:
- Ruggenprik (lumbaalpunctie): hierbij wordt met een naald laag in de rug geprikt. Op deze manier kan hersenvocht worden afgenomen.
- Slangetje in rug (externe lumbale drain): als een ruggenprik niet voldoende werkt kan een externe lumbale drain worden aangelegd. Deze wordt laag in de rug geprikt. Een slangetje (katheter ofwel drain) blijft achter in de ruimte waar het hersenvocht zich bevindt. Dit zorgt voor een continue afvoer van hersenvocht.
- Slangetje in het hoofd (externe ventrikel drain): soms is een ruggenprik of externe lumbale drain niet mogelijk. In dat geval wordt een externe ventrikel drain geplaatst. Deze wordt geplaatst in een van de hersenkamers in de schedel. Op deze manier wordt het hersenvocht ook continu afgevoerd. Een externe drain kan doorgaans na 7-10 dagen weer worden verwijderd.
Laattijdige hersenischemie
Een minder vaak voorkomende, maar belangrijke complicatie van een subarachnoïdale bloeding is laattijdige hersenischemie. Hierbij is er een probleem met de doorbloeding van de hersenen dat leidt tot zuurstoftekort. Het is niet precies bekend waardoor dit veroorzaakt wordt. Er wordt gedacht dat het te maken heeft met een ontstekingsreactie van de kleine bloedvaatjes in de hersenen, dat het bloed makkelijker stolt of dat de bloedvaten samenknijpen (vaatspasmen) waardoor zuurstoftekort ontstaan. Symptomen zijn afhankelijk van de plek in de hersenen waar het zuurstoftekort optreedt en zijn bijvoorbeeld een bewustzijnsdaling, taalstoornis of krachtsverlies in een arm of been. Deze symptomen kunnen spontaan herstellen. Als het zuurstoftekort langdurig aanhoudt, kunnen de symptomen echter blijvend zijn.
Overige complicaties
Andere complicaties die kunnen optreden zijn bijvoorbeeld een trombosebeen, longembolie, en een blaasontsteking, longontsteking of andere infectie. Hiervoor worden regelmatig metingen gedaan van zuurstof, bloeddruk en temperatuur.